Over Juf Anke

Leuk dat je mijn site bezoekt! Ik ben Anke van Boxmeer, leerkracht van een kleutergroep in Sint-Michielsgestel. Sinds 2005 deel ik lesmateriaal op jufanke.nl. Ik wil hiermee inspireren en enthousiasmeren. Daarnaast ben ik werkzaam als educatief auteur voor Kleuteruniversiteit, Praxisbulletin en Lemniscaat. Dit doe ik samen met Els. In 2017 verscheen ons eerste eigen boek: Spelen met prentenboeken!


Groepsvorming & De Gouden Weken

Een stukje theorie

Elk schooljaar opnieuw wordt er een nieuwe groep gevormd. Er ontstaan nieuwe klassen, er komen klasgenootjes bij of klasgenootjes verlaten de groep. Ook als de groep helemaal hetzelfde blijft, wordt de groep na de zomervakantie opnieuw gevormd. Na zo'n lange periode uit elkaar geweest te zijn, worden de regels en groepsnormen vanzelf opnieuw bepaald. Ook een andere leerkracht voor de groep maakt dat de groep zich opnieuw vormt.

Een goede begeleiding bij deze groepsvorming is essentieel en je kunt hier het hele jaar plezier van hebben. Wanneer de leiding ontbreekt, vormt de groep zichzelf. Het kan dan gebeuren dat er een negatieve groep ontstaat. Dat wil je natuurlijk niet. Daarom vind je verderop tips voor een positieve groepsvorming.

Een groep die zich vormt gaat door vijf fases (groepsontwikkelingsmodel van Tuckman). De ene groep doorloopt deze fases sneller dan de andere.

1. Oriëntatiefase (forming)

In deze fase leren de kinderen elkaar kennen. Ze proberen wat kan en wat niet kan. De kinderen doen nog geen stellige uitspraken en reageren voorzichtig op elkaar. Ze gaan discussies uit de weg en kijken hoe anderen op hun inbreng reageren. Zodra de kinderen zich als leden van de groep gaan beschouwen, is de oriëntatiefase afgerond. Hoe nieuwer de groep, hoe langer deze fase duurt.

Maak al snel duidelijk wat jouw regels zijn en laat je waarden en normen zien. Wacht je hier te lang mee, dan stelt de groep zijn eigen regels op.

2. Conflictfase (storming)

In deze fase gaan de kinderen zich meer uitspreken en elkaar meer uittesten. De verschillen in opvattingen en voorkeur worden duidelijk en dat leidt soms tot conflicten. De kinderen beginnen zich te verzetten tegen de leiders in de groep. Als de conflicten niet opgelost worden, dan trekken de kinderen zich terug en kan de groep uit elkaar vallen. Gebeurt dit niet en kunnen de kinderen de conflicten oplossen, dan is de conflictfase beëindigd.

In deze fase is de klas voor buitenstaanders vaak rumoerig, vaak is er onenigheid en soms een ruzieachtige sfeer. In feite is er een soort 'strijd om macht' bezig. In sommige groepen gaat dat rustig en nauwelijks merkbaar. In andere groepen komt er zelfs fysiek geweld bij te pas.

De resultaten van de stormingsperiode kunnen verschillend zijn:
- een fijne, samenhangende groep
- een groep die uiteenvalt in subgroepen, elk met een eigen groepsproces
- een hoofdgroep en enkele outsiders die niet in de groep zijn opgenomen

3. Integratiefase (norming)

In deze periode identificeren de kinderen zich met de groep. Er ontstaan vriendschappen. De normen over wat wel en niet gewenst is en de rollen van de groepsleden worden geaccepteerd.
Hoe je met elkaar omgaat, wordt vanaf nu bepaald door de leiders van de groep. Vaak zijn zij zich niet eens bewust van hun natuurlijke machtspositie. Ze bepalen de ongeschreven groepsregels en -normen. Dit kan positief of negatief uitvallen.

4. Uitvoeringsfase (performing)

In deze fase werken de kinderen ongestoord aan hun groepstaken. Als de eerste drie fases positief zijn uitgevallen, is het een productieve groep, waarin samenwerking en een prettige sfeer de boventoon voeren. Als het resultaat negatief is, is er minder productiviteit, onenigheid, verzet en concurrentie.
Zolang de samenstelling van de groep niet verandert, blijft het resultaat van het groepsproces vrijwel in tact.

5. Eindfase (adjouring of reforming)

Deze fase maakt geen deel uit van de oorspronkelijke theorie, maar is toch waardevol. De fase treedt op als het einde van het groepsbestaan in zicht komt. Dat is in feite elk jaar, omdat de kinderen in de zomervakantie ingrijpend veranderen en meestal in de volgende klas een andere leerkracht krijgen. Deze fase veroorzaakt onrust. Sluit het jaar goed af en blik terug.
Tip! Voor kleuters schreven wij leuke suggesties om terug te blikken op het afgelopen schooljaar.
--> Bekijk het artikel 'Terugblikken'

terugblikken schooljaar kleuters

Groepsvorming bij kleuters

Is er bij jonge kinderen sprake van een groepsvormend proces? Dat vroeg ik me af. Zij zijn toch meer op zichzelf gericht, hun eigen ik staat centraal. Elk jaar start ik met de gouden weken, omdat we dat schoolbreed afgesproken hebben, maar in hoeverre heeft dit effect in een kleutergroep?
Het antwoord hierop is, nee, bij jonge kinderen is er nog geen sprake van groepsvorming. Dit proces begint pas vanaf groep vijf / zes. Wetenschappelijk is ook niet bewezen dat groepsvorming bij jonge kinderen effect heeft.
Maar ... wat je aandacht geeft groeit! Het is natuurlijk nooit verkeerd om de kinderen op een fijne manier kennis te laten maken met elkaar, te laten zien dat er verschillen tussen hen zijn, maar ook volop overeenkomsten, samen plezier te hebben, omgangsregels onder de aandacht te brengen en te leren respect voor elkaar te hebben. Ook jonge kinderen kunnen leren dat je echt niet met iedereen beste vrienden hoeft te zijn, maar dat je elkaar wel accepteert. Je zit immers samen in de klas. Dus als jouw school start met groepsvorming, houd dit dan in je achterhoofd en maak er gezellige eerste weken van.
Voor Kleuteruniversiteit schreef ik een aantal pakketten met groepsvormende spellen voor de eerste weken. Deze vind je verderop op deze pagina. Ik schreef ook een aantal projecten waarbij de sociaal-emotionele ontwikkeling centraal staat. Als je na het lezen van dit stuk liever insteekt op de sociaal-emotionele ontwikkeling dan op groepsvorming, kun je deze projecten eens bekijken:
--> Twee vechtende eekhoorntjes
--> Kikker is Kikker
--> Kikker en de vallende ster
--> Het Kleurenmonster
--> De mooiste vis van de zee
--> Rikki en zijn vriendjes
--> Vriendschap - Wat een geluk dat ik jou gevonden heb
--> Zoevende Zebra
--> Omgaan met elkaar - Rikki

Ouders

Ouders zijn belangrijk tijdens het proces van groepsvorming. Maak kennis met ze, laat ze iets over hun kind vertellen en vertel jouw regels aan het begin van het schooljaar. Maak afspraken. Wanneer er later in het jaar iets voorvalt, kun je op deze afspraken terugvallen.

Boekentips

 

De gouden weken

Nu je deze theorie kent, wil je daar natuurlijk mee aan de slag! Je wilt een zo veilig mogelijke groep creëren, waarin tijdens het komende schooljaar een gezellige en fijne werksfeer heerst. Boaz Bijleveld schreef een boek voor de eerste vier tot zes weken van het schooljaar: De gouden weken en de herziene versie De gouden weken 2.0. En dat zijn ze, goud! Als je deze eerste, belangrijke weken op de juiste manier insteekt, heb je een gouden schooljaar! (Na de kerstvakantie kun je dit nog eens herhalen. Dit worden De zilveren weken genoemd).

De gouden weken groepsvorming De gouden weken, groepsvorming, juf Anke

Wat kun jij doen?
* Start de eerste vier tot zes weken van het schooljaar met groepsvormende activiteiten en coöperatieve werkvormen. Bespreek de activiteiten na op het doel! Het heeft weinig zin de kinderen de activiteit te laten doen en weer door te gaan. Kinderen kunnen iets leren van de activiteit en wanneer het niet goed ging, moet hierover gesproken worden.
* Denk na over je regels en stel ze aan het begin van het groepsvormend proces samen met de kinderen op. Formuleer de regels positief. Maak niet te veel regels. Vijf kapstokregels (en tien regels in totaal) is vaak het maximaal haalbare.
Bij kleuters: lees een prentenboek voor om de regels te bespreken. Een prentenboek is vaak een geschikter middel om het over de regels te hebben dan een kringgesprek. Mooie prentenboeken zijn o.a.: Mag ik meedoen?, Samen kunnen we alles en Wij eten hier geen klasgenootjes.
* Geef het goede voorbeeld. Geloof in het goede van elke leerling. Draag je waarden en normen uit.
* Maak contact met de ouders in de vorm van omgekeerde oudergesprekken.

In het kort: Ingrediënten voor De Gouden Weken (Bijleveld)
1. Zelf geformuleerde, positieve groepsregels
2. Energizers
3. Coöperatieve werkvormen
4. Voorbeeldgedrag leraar
5. Omgekeerde oudergesprekken

Meer over De Gouden Weken 2.0

De Gouden Weken 2.0
Boaz Bijleveld - Uitgevrij Eduforce

Het boek De Gouden Weken 2.0 is een ontzettend handig boek om de eerste weken van het schooljaar mee te starten. Bij ons op school is er voor elke groep een exemplaar aangeschaft, zodat we er schoolbreed mee aan de slag kunnen gaan.

Het boek start met een theoretisch deel dat absoluut niet saai, maar juist heel interessant is. Je wordt je er (weer) bewust van hoe belangrijk het is om een goede groep te vormen en wat er kan gebeuren als de groep zichzelf vormt. De theorie neemt je mee naar de piramide van Maslow die de behoeften van de mens laat zien. Dit helpt je te begrijpen waarom behoeften van mensen en groepen verschillen en je ziet wat er nodig is om tot maximale zelfontplooiing te komen. Ook het groepsontwikkeingsmodel van Tuckman wordt besproken: forming, storming, norming, performing en reforming. Je leest hoe deze fases eruit zien, waarom ze zo belangrijk zijn en op welke manier je ze tijdens de gouden weken doorloopt. Het doorlezen van de theorie is echt een must-do om verder te kunnen gaan met het praktische gedeelte. Je wilt immers toch weten wat je doet en waarom?
Na het theoretische gedeelte volgt een stuk over omgekeerde oudergesprekken. Bijleveld stelt dat het heel belangrijk is om al vroeg met de ouders in gesprek te gaan. Dit draagt bij aan een positief klimaat en goede band tussen jou, de ouders en het kind. Dit deel geeft je praktische tips en achtergrondinformatie om goed voorbereid het gesprek in te gaan.

Daarna volgt het praktische gedeelte met volop energizers, groepsvormende spellen en coöperatieve werkvormen. Per activiteit wordt aangegeven hoe lang deze duurt, voor welke doelgroep hij geschikt is, welk niveau de activiteit heeft en in welke fase van het groepsvormend proces je hem inzet. Ook voor de kleuters is er genoeg te vinden. Leuke, actieve spellen waarbij de ene keer samenwerken centraal staat, de andere keer het zien van overeenkomsten en verschillen bij elkaar, het maken van verbinding en het kennismaken met elkaar. Ik krijg al zin in de start van het nieuwe schooljaar. Aan de slag!

--> Lees hier meer over De Gouden Weken 2.0

Groepsvormende activiteiten voor de onderbouw

Ahoi, piraat!
Wijs twee kinderen aan die piraten zijn. Ze varen op hun schip in tegengestelde richting door de kring. Als ze elkaar tegenkomen, geven ze elkaar een high five en zeggen elkaars naam, bijvoorbeeld Ahoi Tim, Ahoi Achmed. Eén van de kinderen gaan zitten. Het andere kind vaart verder, tikt een kind aan dat ook piraat wordt en de andere kant uit vaart. Als ze elkaar tegenkomen geven ze een high five, noemen elkaars naam enzovoorts. Het kind dat twee keer piraat geweest is, gaat zitten en het andere kind vaart verder.

Samen naar de overkant
Ga samen (in kleine groepen) op een laken staan of op een opblaasdier zitten. Tel af en spring tegelijk omhoog. Verplaats het laken of dier een stukje. Tel weer af en spring. De groep probeert zich op deze manier naar de overkant te verplaatsen.

Blind vertrouwen
Twee kinderen werken samen. Het ene kind zit geblinddoekt op een trekkar en het andere kind trekt deze. Hij komt langs pionnen waar tennisballen op liggen. Bij elke pion stopt de kar. Het kind zonder blinddoek geeft het geblinddoekte kind aanwijzingen om de bal te kunnen pakken. Als hij deze heeft, rijdt de kar verder.

Voetenwerk
Alle kinderen gaan bij de muur zitten, met hun gezicht naar de muur gericht. Ze zetten beide voeten tegen de muur. Klem bij het eerste kind een knuffel, kussen of bal tussen de voeten. Hij geeft deze met zijn voeten door naar het volgende kind. De handen mogen niet gebruikt worden! Ga zo verder. Lukt het om het voorwerp langs alle kinderen naar de andere kant te krijgen?

Hoepelspel
Maak vier tot zes touwen aan hoepels vast en vorm groepjes van vier tot zes kinderen. Elk kind pakt een touw en trekt dit strak. Leg voorwerpen (knuffels, boeken, blokken) op de grond. De kinderen proberen hun hoepel samen om het voorwerp te krijgen. Dit doen ze door het uiteinde van het touw vast te houden en samen te werken om de hoepel in beweging te krijgen. De hoepel zelf mag niet aangeraakt worden.

Wie staat er voor de klas?
De leerkracht zet een rij van bijv. 3 kinderen voor de klas. Alle kinderen in de klas kijken goed en doen vervolgens de ogen dicht. De leerkracht verandert de volgorde. De kinderen mogen weer kijken en raden hoe het eerst was. Maak het moeilijker door meer kinderen voor de klas te zetten.

Wat is er veranderd?
Zet 3 kinderen voor de klas, laat iedereen in de klas heel goed kijken. Dan doen de kinderen de ogen dicht en verander je iets aan de kinderen voor de klas, bijv. een mouw omhoog, haarband verwisselen, broekspijp oprollen etc. De kinderen mogen weer kijken en raden wat er veranderd is.

Hoepel door de kring
Maak een kring en houd elkaars handen vast. Steek jouw hand door een hoepel en houd dan de hand van het kind naast je vast. De hoepel zit nu 'vast' in de kring. Geef hem de kring rond. Laat de kinderen zelf bedenken hoe ze dit kunnen doen. Ze zullen elkaar soms ook mogen helpen. Maar ... er is één regel: de handen mogen niet los gaan! Lukt het om de hoepel de hele kring door te geven?

Waf, waf
In de kring zit een waakhond. Achter hem ligt een sleutelbos. De waakhond doet erg zijn best om goed op te letten, maar dan valt hij toch in slaap. Het kind dat de hond is, sluit de ogen. Wijs een ander kind aan dat de boef is en naar de sleutelbos sluipt. Als de hond hem hoort, roept hij 'waf, waf!' en wijst in de richting van het geluid. Lukt het de boef om de sleutels te pakken?

In de knoop
Alle kinderen geven elkaar één hand en één kind verlaat de groep. De kinderen proberen flink in de knoop te raken door onder elkaar door te kruipen en over elkaar heen te stappen. Ze laten elkaars handen niet los! Het kind dat de groep verliet, komt terug en probeert de groep uit de knoop te halen.

Lachen is verboden!
Vorm tweetallen. De kinderen gaan tegenover elkaar staan. Het ene kind trekt gekke bekken of gekke bewegingen en het andere kind probeert zijn gezicht neutraal te houden. Hij mag niet lachen! Lukt het om dit kind toch aan het lachen te krijgen? Als dit gelukt is, wisselen de kinderen van rol.
Observeer de kinderen en laat iemand die iets heel grappigs doet dit voor de klas doen. Krijg samen de slappe lach!

Kat en muis
Vorm een kring en houd elkaars handen vast. Wijs twee kinderen aan die kat zijn en twee kinderen die muis zijn. Zij starten buiten de kring. Op jouw teken proberen de katten de muizen te vangen. De groep helpt de muizen door ze in de kring te laten. Zodra een kat de kring in wil gaan, wordt deze tegengewerkt. Zorg ervoor dat hij niet over of onder de armen door kan en geef de muizen zo de tijd om uit de kring te ontsnappen. Kunnen de katten de muizen tikken? Hoe voelt het voor de muizen om geholpen te worden en hoe voelt het voor de katten om tegengewerkt te worden?

Kikkers in de vijver
Leg enkele tapijttegels in de speelzaal. Zet een vrolijk muziekje op. De kinderen springen als kikkers door de vijver. Als de muziek stopt, zoeken ze een lelieblad (tapijttegel) op. Start de muziek weer. Haal een tegel weg. Als de muziek stopt, zoeken weer alle kikkers een lelieblad. Ze moeten nu met meer kikkers op een blad staan. Lukt dat? Haal weer een tegel weg en ga zo verder. Op hoe weinig leliebladeren kunnen alle kikkers staan? Op welke manier helpen ze elkaar?

Samen zaklopen
Zorg voor zakloopzakken. Twee kinderen stappen samen in een zak. Het ene kind met het rechterbeen en het andere kind met het linkerbeen. Zo leggen ze een parcours af.

Clics
Laat de kinderen tweetallen vormen. Geef ze de opdracht een kind te zoeken dat ze nog niet goed kennen of waar ze weinig mee spelen. De kinderen gaan in tweetallen in het lokaal staan. Noem een lichaamsdeel. De kinderen klikken dit aan elkaar en zeggen 'klik!'. Bijvoorbeeld: buik, rug, voeten, handen, armen, hoofden. Wacht tot iedereen 'klik' gezegd heeft en ga dan verder met het volgende lichaamsdeel. Breid dit uit door twee lichaamsdelen te noemen: rug en buik, hoofd en voet, arm en teen. Maak het moeilijker met de volgende opdrachten: een buik tegen een rug, een voet tegen een hoofd, een neus tegen een schouder. De kinderen zullen veel plezier hebben!

Ik hou van kinderen die ...
Ga in het midden van de kring staan en zeg 'Ik hou van kinderen die ...' noem een uiterlijk kenmerk, bijvoorbeeld: een broek dragen. Alle kinderen die een broek dragen gaan staan en lopen naar een andere stoel. Herhaal de zin en noem een ander kenmerk, bijvoorbeeld: blonde haren hebben. De kinderen met blonde haren zoeken een andere plek. Maar ... jij wilt ook een stoel! Bij de volgende ronde, probeer je zelf een vrijgekomen stoel te bemachtigen. Er blijft nu een kind over, dat in het midden van de kring gaat staan en de volgende opdracht mag geven.

Groepsfoto
Wijs een fotograaf aan. De andere spelers gaan dicht bij elkaar staan voor de groepsfoto.Nadat de fotograaf de groep een tijdje goed heeft bekeken, wordt hij naar buiten gestuurd. Eén kind uit de klas verstopt zich vervolgens áchter de groep.
De fotograaf komt terug en moet raden wie er ontbreekt, vóór de groep hardop tot tien kan tellen. Als hij erin slaagt, mag jij de foto maken, zo niet, dan wordt er een nieuwe fotograaf gekozen voor de volgende fotosessie.

Ra, ra, ra, wie heeft de ring?
Nodig: een touw zo lang als de kring.
De kinderen zitten in de kring. Het touw loopt door de kring, over de schoot van elk kind. Eén kind staat in het midden. De kinderen nemen het touw voor zich losjes met beide handen vast, zodat ze een ring kunnen verschuiven. Ze schuiven hun handen heen en weer over het touw en geven ongemerkt de ring door. De speler in het midden probeert te raden waar de ring is.

Bingo!
Maak foto's van voorwerpen in en buiten het lokaal. Maak een bingokaart van deze foto's. Laat de kinderen tweetallen vormen, liefst met een kind dat ze nog niet goed kennen. Elk tweetal krijgt een bingokaart en gaat naar de voorwerpen op zoek. Als ze iets vinden, roepen ze 'bingo!' en kruisen het af op de kaart. Als ze alles gevonden hebben, gaan ze in de kring zitten. Lukt het iedereen om de hele kaart vol te krijgen? Bespreek in de kring wat de kinderen waar gevonden hebben en hoe het samenwerken ging.


De bal rollen
Oefen elkaars namen door de bal te rollen. Ga allemaal in de kring zitten. Laat een kind een naam noemen en daarna de bal naar dit kind rollen. Breid het uit door het kind een vraag aan dit kind te laten stellen als hij de bal ontvangen heeft. Vragen kunnen zijn: heb je broers of zussen? Heb je huisdieren? Waar speel je graag mee? Wat kijk je graag op tv? Wat is je lievelingseten?

Krantenmeppertje
Ga in het midden van de kring staan, met een krant in je hand. Noem de naam van een kind en loop in de richting van dit kind. Voordat jij bij hem bent, noemt dit kind snel de naam van een klasgenoot. Nu moet jij naar dat kind lopen. Dit kind noemt weer snel een volgende naam en zo verder. Lukt het jou om een kind met de krant aan te tikken, voordat hij een naam genoemd heeft? Als dit lukt, gaat dit kind in het midden van de kring staan en neem jij plaats op de leeggekomen stoel.

Wat is anders?
Eén kind gaat in het midden van de kring staan. Alle kinderen kijken goed hoe het kind eruit ziet. Dan gaat het kind naar de gang en veranderd iets aan zichzelf, bijv. veters los, trui binnenstebuiten, haar los of vast. Dan komt het kind weer terug in de kring en mogen de andere kinderen raden wat er veranderd is.
Of: meerdere kinderen op een rij in de kring. De kinderen nemen een houding aan, bijv. hand in de lucht, hand in de zak, voet omhoog, krom staan enz. De kinderen doen de ogen dicht. De kinderen in die in de kring staan veranderen één ding aan hun houding. Wat is veranderd? 

De trein
Verdeel de kinderen in vijf groepen. Elke groep oefent zijn eigen woord om de trein vooruit te krijgen: choco - spaghetti - smeerkaas - limonade - ontbijt. Elke groep oefent om z'n woord uit te roepen tot het klinkt als één stem.
Leg uit dat iedereen de trein vooruit moet helpen. De groep die je aanwijst roept zijn naam vier maal.

De trein vertrekt, de leider loopt door het lokaal en zegt: tuut, tuut, daar is de trein. De trein komt het station binnen gereden. Vervolgens wijst de leider naar één groep en deze groep roept vier keer het woord. Dan vertelt de leider verder: instappen, er zijn nog plaatsen! We rijden tegen een berg omhoog. Weer wijst de leider een groep aan die vier keer het woord zegt. Ook deze groep mag instappen etc.

Goud in onze kleutergroepen

Bij de kleuters trekken wij deze 'gouden weken' wat breder. Naast groepsvormende activiteiten is bij ons alles goud wat er blinkt! Het thema is de eerste drie weken dan ook: GOUD! Bij SoLow hebben we leuke gouden spullen gevonden waarmee we het lokaal aankleden: gouden serpentines, een gouden tafelkleed, gouden feestrietjes, een gouden vlaggenlijn ... In de feestkoffer zitten een gouden toverstaf en gouden feestmutsen en de logeerknuffel heeft dit jaar een gouden opschrijfboekje.


goud in de verjaardagskoffer

Gouden kroon versieren

Geluidenmemorie met gouden eieren
Verstop voorwerpen in gouden eieren, telkens twee dezelfde. Zorg voor voorwerpen die een verschillend geluid maken (hard, zacht). Leg alle eieren in een bak. De kindern pakken een ei en schudden ermee. Hierna pakken ze nog een ei en luisteren naar het geluid. Denken ze dat de geluiden hetzelfde zijn, dan mogen ze de eieren openen (motorische oefening). Zo niet, dan zoeken ze verder.

Goudzoeken
Verstop gouden steentjes of diamanten in een bak met zand. Laat de kinderen met een zeef op zoek gaan naar het goud. Het goud doen ze in een bakje of fles. Kijk na elke werkles hoeveel goud er gevonden is en geef dit aan door met een watervaste stift een streep op de bak of fles te zetten. Schrijf de namen van de goudzoekers er klein bij. Vraag elke keer wie er tot dan toe het meeste goud gevonden heeft, welke kinderen evenveel goud gevonden hebben enzovoorts.

Zo vind je goud
Een leuk en passend boek om het goudzoeken te introduceren is Zo vind je goud van Viviane Schwarz.

Mandala met gouden versiersels
Gebruik je gouden 'loose parts' om deze prachtige mandala te maken.

Gouden lijstjes - Hamertje Tik
Bevestig een gouden rechthoek op een hamertje tik plank. Laat de kinderen hier een patroon of figuur omheen timmeren. Bedenk eventueel nog een creatieve opdracht met de gouden lijst.

Gouden verjaardagskalender
Maak een foto van elk kind met een gouden getal dat de leeftijd van hun volgende verjaardag aangeeft. Print de foto's. Laat de kinderen een gouden fotolijst plakken met gouden plakfiguren.

In onze kleuterklassen vieren wij de verjaardag van een kind met de verjaardagstrein. Daarom bedachten we dit jaar om ook zo'n trein als verjaardagskalender te maken. Elk kind kreeg één wagon.
Maak een foto van de kinderen waarop ze kaarsjes op een taart uitblazen. Knip de foto uit (maar de taart niet). Plak de foto in een wagon van de verjaardagstrein. De kinderen tekenen hier zelf met zwarte stift een taart bij en versieren de wagon. Dit kleuren ze in met kleurpotlood. Hierna verven ze de rand van de wagon goud. Hang de wagons achter elkaar op en zoek een kleurplaat van een locomotief. Plak hier een foto van jezelf in. Jij bent de machinist!

Gouden sterren
Teken sterren op goud papier of Engels karton. De kinderen knippen of prikken de sterren uit en tekenen er hierna zichzelf op. Hang de sterren op en zet er een spreuk bij zoals:
- De gouden sterren stralen!
- De sterren van groep 1/2
- We maken er een schitterend schooljaar van!


Deze sterren komen uit de methode voor voorbereidend schrijven Krullenbol. De kinderen hebben de ster meerdere malen overgetrokken. Daarna hebben ze zichzelf getekend op een vouwcirkel.

Goud in de schatkist
Deze activiteit komt uit 'Met sprongen vooruit'. Laat de kinderen tweetallen vormen (ik liet een oudste een jongste opzoeken). Geef elk tweetal een zakje met getalkaarten (0 t/m 6 of 0 t/m 10). Kijk wat de kinderen met de getalkaarten doen. Bij mij haalden ze de getallen uit het zakje, bekeken ze en legden ze voor zich. Sommige kinderen legden de getalkaarten willekeurig neer en anderen legden alles in de volgorde van de getallenrij. Ik observeerde alleen maar wat er gebeurde.
Toen iedereen klaar was, stopte ik enkele goudstukken in een schatkist. Ik liep in een snel tempo met de schatkist langs de kinderen. Zij wierpen een blik en probeerden de hoeveelheid te overzien. Ze pakten de juiste getalkaart. Op mijn teken lieten alle tweetallen de getalkaart zien. Hierna haalde ik het goud uit de kist. Hoeveel was het daadwerkelijk? Wie had dit goed en waarom wisten deze kinderen het? Hierna legde ik een ander aantal goudstukken in de kist en liep weer langs.
Zorg ervoor dat je de goudstukken zo neerlegt dat de hoeveelheid snel te overzien is, bijvoorbeeld in de dobbelsteenstructuur of twee goudstukken naast elkaar en hier later twee goudstukken bovenop.

Draak Dries
Het boek Draak Dries gaat over de drakenschool. De draken moeten van alles leren en als ze dat goed doen, verdienen ze een gouden ster. Dit boek gaat dus over goud én over school. Leuk voor de eerste weken van het schooljaar!

Zes gouden sterren
Toen we foto's voor onze verjaardagskalender maakten, gebruikten we een gouden vijf en een gouden zes. We vonden het zonde om deze getallen meteen weg te doen, dus stonden ze deze weken centraal in onze groepen. Bij Els de vijf en bij mij de zes. We hebben een liedje gezongen over de zes, gekeken hoe je zes met je vingers kunt laten zien, tot zes geteld, zes voorwerpen gezocht in het lokaal en gekeken waar we het getal zes zien.
De zes en de sterren hangen nu in het lokaal.

Kant-en-klare pakketten voor de start van het schooljaar

Met bovenstaande theorie in ons achterhoofd zijn ook wij aan de slag gegaan. Voor Kleuteruniversiteit schreven we vijf pakketten, speciaal voor de start van het schooljaar. De nadruk ligt hierbij op de groepsvorming: samen spelen, samen werken, elkaars overeenkomsten zien en verschillen accepteren. Bekijk ze maar eens! De pakketten kunnen los van elkaar gebruikt worden. Het derde, vierde en vijfde pakket bevatten naast groepsvormende activiteiten voor de eerste week ook reken- en taalactiviteiten (met als thema 'naar school') voor de tweede en derde schoolweek.

start schooljaar groepsvorming kleuters

--> Bekijk 'Een nieuw schooljaar' - pakket 1
--> Bekijk 'Een nieuw schooljaar' - pakket 2
--> Bekijk 'Een nieuw schooljaar' - pakket 3 (Hoera, naar school!)
--> Bekijk 'Een nieuw schooljaar' - pakket 4 (Willewete Naar school)
--> Bekijk 'Een nieuw schooljaar' - pakket 5 (Kolletje gaat naar school)

Groepsfoto
'Groepsfoto' uit het pakket 'Een nieuw schooljaar' (1)

nieuw schooljaar
Met de groepsknuffel de school verkennen, pakket 2

dromenvanger nieuw schooljaar
Een dromenvanger die de dromen voor het nieuwe schooljaar vangt, pakket 2

hand in hand het schooljaar in
Hand in hand het schooljaar in, pakket 2

Spellencircuit vriendschap

Voor de Kinderboekenweek van 2018 bedachten we spelletjes bij het thema vriendschap. Bij deze spelletjes staan samenwerken en communiceren centraal. Ook hierbij wordt gewerkt aan groepsvorming. Daarom is dit spellencircuit hartstikke leuk voor de start van het schooljaar. Je kunt ervoor kiezen om de spelletjes op één dagdeel, in kleine groepjes, te spelen, maar je kunt ook enkele spellen uitkiezen en er elke dag één met de groep spelen. Handig tijdens de gouden weken!

--> Bekijk het spellencircuit 'Vriendschap'

Kinderboekenweek 2018 vriendschap kleuters juf Anke

 



facebook juf Anke