Juf Anke jufanke.nl lesidee



Kernconcepten

Kernconcepten? Wat zijn dat?
Kernconcepten bieden een verklaring of perspectief om verschijnselen in de samenleving/natuur te verklaren.
Kernconcepten bieden inzicht op het gebied van mens en maatschappij en natuur en techniek.
Bij het werken met kernconcepten gaan kinderen zelfonderzoekend aan de slag om zo vooraf gestelde doelen te behalen. Kinderen stellen vragen, zoeken informatie, onderzoeken, werken samen en presenteren.
Kinderen komen zo op een andere manier vanalles te weten over biologie, aardrijkskunde, geschiedenis en techniek.

De kernconcepten waarmee de kinderen gedurende meerdere weken aan de slag gaan zijn:
- energie
- materie
- groei en leven
- kracht en golven
- tijd en ruimte
- macht
- binding
- evenwicht en kringloop
- communicatie

Dit is een zeer beknopte beschrijving van het werken met kernconcepten. Meer informatie hierover? Kijk dan eens op de site van de KPC groep en zoek op 'kernconcepten'.

Ideeën voor hoekenwerk met kernconcepten

Een manier om met een kernconcept bezig te zijn is hoekenwerk. Er zijn 5 of 6 activiteiten die met het onderwerp te maken hebben. Iedere keer werkt een groepje, gedurende 30 tot 40 min. aan één onderwerp. De volgende keer draaien de groepjes door. Dit gebeurt 5 of 6 keer, zodat alle groepjes alle opdrachten na een aantal weken gedaan hebben.
Natuurlijk kunt u naast het werken in hoeken ook klassikaal of in tweetallen aandacht besteden aan het kernconcept.

Opdrachten voor Ruimte & Tijd - Kernvragen 1 & 3, Unit 1 & 2

1. Maak je eigen klok. Kinderen tekenen een ronde vorm op een stuk karton (bijv. een bordje omtrekken). De vorm wordt uitgeknipt. De cijfers worden in de klok getekend en er worden wijzers gemaakt, een grote en een kleine. Deze worden met een splitpen aan de klok vastgemaakt.

2. Klokkijk memory. Maak kaartjes met daarop klokken en kaartjes met geschreven tijden. Welke klok hoort bij welke tijd?

3. Wat doe jij op een dag? Maak een werkblad met links onder elkaar lege klokken. Naast de klokken staan lijntjes om op te schrijven. Opdracht: Wat doe je het liefst als je een dagje vrij bent? Teken de tijd in de klok en schrijf op wat je doet.

4. Planeten maken. Beschilder een tempexbolletje zodat het een planeet wordt. Hang platen van de planeten in de klas. Maak zo met de hele klas het zonnestelsel na. Zet de bolletjes bijv. op stokjes en steek ze in zand/oase of hang de bolletjes aan een draadje aan het plafond.

5. Tijd & Ruimte spel. Een spel zoals het 'Ladders en Slangen' spel met een spelbord en vragenkaartjes. Op de vragenkaartjes staan vragen over de ruimte en vragen over tijd zoals welke maand komt na augustus? Hoeveel dagen zitten er in een week? Hoeveel dagen heeft de maand januari? In welke maand is het Kerstmis? etc.

U kunt dit spel hier downloaden. Print het spelbord uit op A4 formaat en vergroot het met het kopieerapparaat tot A3. Lamineer het daarna.

--> Download het Ruimte & Tijd spelbord

--> Download de vragenkaartjes

6. Tekenopdracht: Wat ziet de astronaut? Teken een astronaut of ruimteschip op een leeg A3 vel. De kinderen tekenen het vel vol met vanalles wat in de ruimte te zien is.

7. Werkbladen klokkijken, bijv. uit de rekenmethode.

8. Pinguïn met oorwarmers maken (seizoenen). Zie 'creatief' in het menu.

Klassikaal: filmpjes over Ruimte & Tijd bekijken.
Zoek op de schooltv beeldbank en bij de afleveringen van Huisje, Boompje, Beestje.
http://www.schooltv.nl/beeldbank/clip/20031204_dagenweekanimatie01

http://www.schooltv.nl/beeldbank/clip/20032502_maan02

Een liedje over de aarde in het heelal: http://www.kindersongs.nl/songs.htm - stipjes

 

Opdrachten voor Energie, Kracht en Golven - Kernvraag 2, Unit 1 & 2

1. Een knijperbekkie maken, hefbomen. Verleng een wasknijper met ijslolliestokjes. Maak de stokjes met een elastiekje vast aan de wasknijper. Versier de wasknijper zodat het een bek wordt, bijv. door er een snavel van rubber op te plakken, veertjes en wiebelogen.

2. De fiets, werking van de dynamo, trappers en versnelling (tandwielen). Haal een fiets in de klas en beantwoord er vragen over.

3. Proefjes met geluid. Opdrachten over geluid, zoals de bekertjestelefoon, een potjesorgel en een knetterende ballon.

4. Techniektorens, bouw een brug.

5. Techniektorens, grijpgraag, een grijpertje maken.

6. Een rotorvlieger maken. Kijk hier voor de beschrijving: http://www.knutsellab.nl/knutsel.php?nummer=3

De opdrachten 1, 2 en 3 heb ik voor de kinderen van groep 4 in een werkboekje verwerkt. Hierin staat precies wat de kinderen moeten doen en moeten de kinderen vragen over het onderwerp beantwoorden.

---> Download het werkblad 'de fiets'
---> Download 'het knijperbekkie'
--> Download de proefjes

 

Opdrachten voor Materie - Kernvraag: Waar is het van gemaakt? Unit 1 & 2

Trigger: De kinderen mogen allemaal één klein voorwerp van thuis meenemen. Deze voorwerpen worden in de klas verzameld en bekeken. Waar is het van gemaakt? Welke voorwerpen zijn van plastic? Welke van hout? etc.

1. Hoe wordt brood gemaakt? Filmpje van Nieuws uit de Natuur: http://player.omroep.nl/?aflID=11454003
Zoek werkbladen op internet, van graan tot brood.

2. Hoe wordt papier gemaakt? Filmpje van Klokhuis: http://www.hetklokhuis.nl/onderwerp/papierfabriek
Activiteit: zelf papier maken

3. Hoe wordt plastic gemaakt? Filmpje van Klokhuis: http://www.hetklokhuis.nl/onderwerp/plastic
Liedmachien heeft een leuk liedje over plastic. Zoek op 'liedbox liedmachien'. Dit liedje is in de liedbox te vinden.

4. Mengen, meerdere stoffen worden één. Een creatieve les met het mengen van verf. De kinderen krijgen de primaire kleuren en mengen de verf zelf zo dat er meer kleuren ontstaan. De kinderen maken er een creatief werkje mee, bijvoorbeeld:


Opdrachten voor Binding - Kernvraag 1, Unit 1 & 2

Trigger: De kinderen brengen iets mee naar school dat typisch voor hen is. Bijvoorbeeld iets dat wat vertelt over een hobby, een dierbaar voorwerp, iets dat te maken heeft met een huisdier, een foto. De voorwerpen worden op een tafel/ in de kring verzameld. Elk voorwerp wordt bekeken. Van wie zou dit kunnen zijn? De klas mag raden. Het kind dat het voorwerp meegebracht heeft mag daarna iets over zichzelf en het voorwerp vertellen.

1. Buitengesloten worden / Pesten - Het prentenboek Slompie van Gerard van Midden. De spin Slompie heeft door een ongelukje in de badkamer nog maar 5 pootjes. De andere spinnen lachen hem uit. Slompie is een slome spin.
Dit prentenboek is verkrijgbaar bij SGO Hoevelaken.
Bij het boek hoort een liedje, dat staat op een cd van Trefwoord.

Digitaal prentenboek: http://www.schoolbordportaal.nl/data/prentenboeken/Slompie/index.html

Couplet 1 van het liedje
Slompie wiebelt op zijn pootjes
1, 2, 3, 4, 5
maar de andere spinnen hebben
8 kriebelpoten aan hun lijf.
Slompie kan dus niet snel lopen,
hij sjokt achteraan.
Schiet toch op, mopperen de andere spinnen
Slompie, blijf niet staan!
1 - 2, 1 - 2, 1 - 2, 1 - 2 
1- 2, 1 - 2 maar Slompie kan niet mee.

2. Een andere cultuur - Honingkoekjes en beschuit met muisjes. Een boek over de verschillen tussen het feest bij een geboorte van een baby in de islamitische cultuur en de nederlandse cultuur.

3. Wie ben ik en waar hoor ik bij? - Teken een groot wapenschild op een tekenvel. Deel dit wapenschild in 4 of 5 vlakken. Kopieer het voor alle kinderen.
De kinderen tekenen in elk hokje van het wapenschild iets over zichzelf, bijvoorbeeld
- je hobby
- de club waar je bij zit
- je gezin
- het land/dorp/stad waar je woont
- je school
- je geloof etc.

4. Feestdagen - Welke feesten vieren wij? Zit er een feest aan te komen, lees dan verhalen over dat feest voor, bijvoorbeeld het Kerstverhaal of het Paasverhaal uit de kinderbijbel.